Trefwoorden:Franse Gemeenschapscommissie, middelen, gemeenschapscommissie, Vlaamse Gemeenschapscommissie, middelen
Annot. Art. 83quater
Art. 83quater.
§ 1. Vanaf het begrotingsjaar 1993 trekt het Brussels Hoofdstedelijk Parlement jaarlijks op zijn begroting een speciaal bedrag uit waarop de Vlaamse Gemeenschapscommissie en de Franse Gemeenschapscommissie een trekkingsrecht kunnen uitoefenen. Dit bedrag beloopt ten minste:
- in het begrotingsjaar 1993: 1 miljard frank;
- in het begrotingsjaar 1994: 2 miljard frank;
- in het begrotingsjaar 1995: 2,6 miljard frank;
- vanaf het begrotingsjaar 1996: 2,6 miljard frank, jaarlijks aangepast aan de gemiddelde ontwikkeling van de lonen in de diensten van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering sinds 1992. Artikel 83ter, § 4, eerste lid, tweede zin is van overeenkomstige toepassing.
Vanaf het begrotingsjaar 2002 wordt het in het eerste lid vermelde bedrag verhoogd met een bedrag van 24 789 352,48 EUR, dat jaarlijks aangepast wordt aan de gemiddelde ontwikkeling van de lonen in de diensten van de regering sinds 1992. Artikel 83ter, § 4, eerste lid, tweede zin, is van toepassing.
Op voorstel van zijn Regering kan het Parlement de in het vorige lid bedoelde bedragen verhogen.
§ 2. Wanneer de Vlaamse Gemeenschapscommissie of de Franse Gemeenschapscomissie haar trekkingsrecht uitoefent, worden haar de middelen overgedragen ten belope van het bedrag dat door haar taalgroep op voorstel van zijn college wordt vastgesteld. Wanneer één van deze Gemeenschapscommissies gebruik maakt van haar trekkingsrecht, ontvangt de andere commissie automatisch een bedrag, berekend volgens de verdeelsleutel van 80 pct. voor de Franse Gemeenschapscommissie en 20 pct. voor de Vlaamse Gemeenschapscommissie. Het totaal van de overeenkomstig deze paragraaf overgedragen middelen mag het overeenkomstig § 1 vastgestelde bedrag niet overschrijden.