Trefwoorden:Franse Gemeenschapscommissie, Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, Vlaamse Gemeenschapscommissie
Annot. Art. 64
Art. 64.
§ 1. Elke gemeenschapscommissie oefent dezelfde bevoegdheden uit als de andere inrichtende machten in de aangelegenheden bedoeld in artikel 61 van deze wet.
Zij hebben in het bijzonder elk tot taak:
1° een programmering uit te werken en uit te voeren van de infrastructuur met betrekking tot deze aangelegenheden;
2° de nodige instellingen op te richten, ze te beheren en subsidies te verlenen onder de voorwaarden die bepaald zijn met name door de wet van 29 mei 1959 tot wijziging van de wetgeving met betrekking tot het kleuter-, lager, secundair, normaal, technisch en kunstonderwijs;
3° aan de betrokken overheid aanbevelingen alsook adviezen te richten, zowel op eigen initiatief als op verzoek van die overheid;
4° initiatieven te nemen en aan te moedigen inzake culturele en persoonsgebonden aangelegenheden.
§ 2. De verenigde vergadering en het verenigd college oefenen de bevoegdheden uit bedoeld in § 1, wanneer het gaat om zaken van gemeenschappelijk belang.
§ 3. De colleges en het verenigd college voeren door middel van besluiten de verordeningen uit, genomen door respectievelijk de taalgroepen en de verenigde vergadering.