Trefwoorden:belangenconflict, Franse Gemeenschap, regering, werking, gemeenschaps- en gewestregeringen, werking, Overlegcomité, samenwerkingsakkoord, ... (toon meer)
Annot. Art. 94
Art. 94.
§ 1. Onverminderd het bepaalde in artikel 83, § 2 en 3, blijven de overheden die door de wetten en verordeningen met bevoegdheden belast zijn die onder de Gemeenschappen en de Gewesten ressorteren, die bevoegdheden uitoefenen volgens de procedures door de bestaande regels bepaald, zolang hun Parlementen en hun Regeringen die regels niet hebben gewijzigd of opgeheven.
Annot. Art. 94, § 1bis
§ 1bis. In afwijking van paragraaf 1 en uiterlijk tot 31 december 2019, blijven de instellingen die belast zijn met het administratief beheer en de uitbetaling van de gezinsbijslagen, tegen volledige vergoeding, belast met hun taken.
Zolang deze instellingen belast blijven met hun taken, kan noch een gemeenschap noch de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie wijzigingen aan de essentiële elementen van dit administratief beheer en van deze uitbetaling of aan de regels ten gronde die een significante impact hebben op het administratief beheer of de uitbetaling, in werking laten treden.
Tussen de inwerkingtreding van onderhavige paragraaf en het ogenblik dat alle gemeenschappen en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie overeenkomstig het vierde lid instaan voor het administratief beheer en de uitbetalingen van de gezinsbijslagen, kunnen wijzigingen aangebracht worden aan de essentiële elementen van de modaliteiten van het administratief beheer en van deze uitbetaling of aan de regels ten gronde die een significante impact hebben op het administratief beheer of de betaling van de gezinsbijslagen, gezamenlijk door de gemeenschappen en de gemeenschappelijke gemeenschapscommissie via een samenwerkingsakkoord na overleg met de in het eerste lid bedoelde instellingen. Deze wijzigingen zijn toepasselijk ten aanzien van de gemeenschappen en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie die nog niet zelf instaan voor het administratief beheer en de uitbetaling.
Elke gemeenschap en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie staan vanaf 1 januari 2020, zelf of door middel van instellingen die zij oprichten of erkennen, volledig in voor het administratief beheer en de uitbetaling van de gezinsbijslagen. Een gemeenschap of de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie kan evenwel, elk wat haar betreft, beslissen om het administratief beheer en de uitbetaling van de gezinsbijslagen eerder te verzekeren door haarzelf of door instellingen die zij opricht of erkent. In dit geval notificeert de gemeenschap of de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie deze beslissing aan de Federale Staat ten minste negen maanden vóór de overname. De overname gebeurt per 1 januari en ten vroegste op 1 januari 2016.
Annot. Art. 94, § 1bis, vijfde lid
De gemeenschappen en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie sluiten een samenwerkingsakkoord over de uitwisseling van gegevens of van de centralisering ervan. In zoverre het samenwerkingsakkoord betrekking heeft op de periode vóór 2020 is de federale overheid eveneens partij. Zolang dit samenwerkingsakkoord niet afgesloten is, blijven de openbare instellingen bedoeld in het eerste lid instaan voor het administratief beheer van de uitwisseling en de centralisering van de gegevens.
In geval van toepassing van de derde zin van het vijfde lid, kan een koninklijk besluit, vastgesteld na overleg in de Ministerraad, bepalen welke overheidsinstelling het administratief beheer van de uitwisseling en de centralisering van de gegevens verderzet.
Annot. Art. 94, § 1ter
§ 1ter. In afwijking van § 1 en uiterlijk tot 31 december 2019, blijft de federale overheid belast, om tegen vergoeding, de persoonlijke aandelen van de rechthebbenden voor de prestaties die betrekking hebben op de bevoegdheden van de gemeenschappen op een geplafonneerde wijze te integreren in zijn maximumfactuur, behoudens wanneer één of meerdere gemeenschappen of de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie het anders beslissen.
Wanneer een gemeenschap of de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie beslist om niet langer een beroep te doen op deze dienst, notificeert zij deze beslissing aan de federale overheid uiterlijk tien maanden op voorhand. Deze stopzetting gebeurt op 1 januari.
In 2014 zal deze beslissing echter genotificeerd kunnen worden aan de federale overheid tot 1 oktober.
§ 2. Onverminderd het bepaalde in artikel 83, §§ 2 en 3, blijven de procedures, regelingen en feitelijke toestanden die bestaan op 1 januari 1989 voor iedere aangelegenheid bedoeld in artikel 92bis, §§ 2, 3 en 4, van kracht totdat een samenwerkingsakkoord voor die aangelegenheid is gesloten.
§ 3. De procedures bedoeld in artikel 32, §§ 1 tot 4, van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, zijn van toepassing wanneer er een geschil ontstaat tengevolge van de uitlegging of de toepassing van § 2 van dit artikel. Bij gebreke van consensus in het Overlegcomité bedoeld in artikel 31 van dezelfde wet, worden de partijen geacht akkoord te gaan om hun geschil te laten beslechten door het rechtscollege bedoeld bij artikel 92bis, § 5.