Art. 89.
§ 1. Wanneer het Hof, bij wijze van prejudiciële beslissing, uitspraak doet op vragen als bedoeld in artikel 26, zendt de griffier een afschrift van de ingediende memories aan de andere partijen die een memorie hebben ingediend. Deze beschikken dan over dertig dagen vanaf de dag van ontvangst om aan de griffie een memorie van antwoord te doen geworden. Bij het verstrijken van die termijn zendt de griffier een afschrift van de ingediende memories van antwoord aan de partijen die een memorie hebben ingediend.
§ 2. Wanneer het Hof uitspraak doet op beroepen tot vernietiging bedoeld in artikel 1, zendt de griffier, bij het verstrijken van de in de artikelen 85 en 87 bedoelde termijnen, een afschrift van de ingediende memories aan de verzoekende partij. Die beschikt over dertig dagen vanaf de dag van ontvangst om aan de griffie een memorie van antwoord te doen geworden. Bij het verstrijken van die termijn zendt de griffier aan elke partij die een memorie heeft ingediend een afschrift van de door de verzoekende partij ingediende memorie van antwoord en van de memories die zijn ingediend door de andere partijen. De bestemmelingen van die kennisgeving beschikken over dertig dagen vanaf de dag van ontvangst om aan de griffie een memorie van wederantwoord te doen geworden. Bij het verstrijken van die termijn zendt de griffier een afschrift van de ingediende memories van wederantwoord aan de verzoekende partij en aan de andere partijen die een memorie hebben ingediend.