Art. 39.
Het ambt van referendaris bij het Grondwettelijk Hof wordt gelijkgesteld met de rechterlijke ambten ten aanzien van de benoemingsvoorwaarden bepaald in de artikelen 70 en 71 van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en in de artikelen 187 en volgende van het Gerechtelijk Wetboek.
De jaren, als referendaris bij het Grondwettelijk Hof doorgebracht, komen in aanmerking voor de berekening van de anciënniteit in elke administratieve of gerechtelijke functie of in een functie bij de Raad van State of bij het Grondwettelijk Hof, die de referendarissen nadien zouden bekleden.